Rate of Force Development
Snelheid van krachtsopbouw
Een groep hardlopers betreedt op woensdagavond iets na zessen de oefenzaal van praktijk FysiotherapieZeeland. (Sport) fysiotherapeut Msc. en manueel therapeut Ma. Anton Engels, stapt altijd als laatste over de drempel en spreekt elke week dezelfde legendarische woorden: “kom, we gaan beginnen.” Wat voor de een beginnen is met de training, kan voor de ander voortzetting van een training betekenen waarbij de krachttraining deel uitmaakt van een concurrent training. Beide lopers genieten een andere trainingsvorm met hetzelfde doel voor ogen: belastbaarheid vergroten en hard lopen.
Deze groep lopers neemt regelmatig deel aan wedstrijden / loopevenementen. Het is dan voor de loper fijn over voldoende kracht te bezitten om het door hem gewenste tempo vast te kunnen houden. Extra leuk kan het zijn in de laatste tientalen meters je loopmaatjes er nog even af te kunnen sprinten. Wie de eindsprint wint tussen lopers van gelijkwaardig niveau, is afhankelijk van de Rate of Force (RFD) van de lopers; hoe snel kunnen de spieren tijdens contractie kracht opbouwen.
Met de finish in zicht heeft de loper vaak nog wel het vermogen kracht in zijn lopen te blijven leggen, maar voor het verhogen van het tempo om weg te kunnen lopen van de andere lopers is het van belang hoe snel de spieren ook onder vermoeidheid tijdens contractie kracht kunnen opbouwen. Aan het einde van een wedstrijd is de loper moe en de kracht wordt dan steeds langzamer opgebouwd. Voor het kunnen afleveren van een fraaie krachtige eindsprint is een hoge RFD nodig.
Een verhoging van de RFD is te verkrijgen via het uitvoeren van explosieve krachttraining en daarom zit deze groep lopers te springen. Dat de uitvoering van functionele krachtoefeningen hier een waardevolle bijdrage aan levert beseffen deze lopers wel. Gezien de aandacht die in de trainingsgroep besteed wordt aan de ontwikkeling van de zelfregulatieve vaardigheden zijn de termen hi-it, functionele krachttraining en plyometrie hen wel bekend. De volgende dag staan zij dan ook gemotiveerd voor mijn neus op de atletiekbaan om daar nog een aantal explosieve kracht oefeningen uit te voeren die geïntegreerd zijn in de klassieke term “loopscholing’.
Deze lopers trainen dan ook niet zozeer om hun potje kracht te vergroten, maar wel voor het trainen van kracht die zij nodig hebben tijdens het vol kunnen houden van een te lopen afstand. Zij willen voor het verkrijgen van het lekkere gevoel van een krachtige sprint kunnen beschikken over een hoge RFD zodat zij de loop bij voorkeur kunnen afmaken met een fraaie eindsprint als kers op de taart.
EnjoyYourRun
Bron: Sportgericht 4 / jaargang 68
