Trainen – Rusten – Presteren

trainen rusten presteren

Wie wil presteren, zal trainen en rusten

– Tekst: Anjolie Engels-Wisse

Overtraining komt niet alleen in hardlopen voor, maar in meerder sporten die gepaard gaan met een opbouw van trainingsintensiteit en vermoeidheid. Topsporters trainen veel en zij bewaken de balans tussen inspanning en rust dankzij het gebruik van vragenlijsten en / of stresstesten. Helaas blijkt uit onderzoek dat overreaching vrij vaak voorkomt onder jeugdige sporters. Ook voor hen, trainers en ouders zou het waardevol zijn de mate van vermoeidheid zorgvuldig in beeld te brengen.

Symptomen van overtraining
Het begint bij geen zin om te trainen of tegen deelname aan een wedstrijd opzien. Het zelfvertrouwen zal dalen, het kan de sporter “niet veel meer schelen” en deze zal eerder opgeven. In de training is er prestatieverlies zichtbaar, de spierkracht zal afnemen en er kan ademnood ontstaan bij inspanning. De mate van overtraining is ernstiger als het buiten de sport om opgemerkt wordt in de vorm van concentratieverlies, snel geïrriteerd zijn en moeite hebben om te ontspannen. Wanneer slapen ook niet meer helpt om fit op te staan, slaperigheid overdag blijft aanhouden of slapen juist niet lukt, dan is er te verwachten dat de eetlust zal afnemen. Er kan dan een verandering meetbaar zijn in hartfrequentie, het percentage lichaamsvet daalt en het risico op een infectie neemt toe.

Jeugdige sporters hebben dromen en om die waar te kunnen maken, willen zij hard trainen. Daarom is het belangrijk in een trainingsplan de trainingsintensiteit zorgvuldig op te bouwen met daarin ruimte voor herstel en rust. Bied de jeugd kennis over wat ze trainen, leer ze zelf het trainingsproces te regisseren en laat hen plezier beleven in hun sport.

EnjoyYourRun

Bron: Physios, jaargang 7 / 4