All out

KONICA MINOLTA DIGITAL CAMERA

All out trainen. Een hartslagfrequentie van meer dan 180 slagen per minuut. Bij kinderen is het trainen op dermate hoge intensiteit nodig om een vooruitgang in de VO2 piek (= de hoogst gemeten zuurstofopname gedurende inspanning met oplopende belasting op het moment dat het kind subjectieve signalen afgeeft van maximale inspanning) te boeken. Pas dan komen kinderen nl. in de buurt van hun anaerobe drempel. Deze intensieve training is de meest efficiënte voor kinderen om hun aerobe capaciteit te trainen.

Kinderen trainen zichzelf. Als zij buitenspelen of rennen op het schoolplein trainen ze spelenderwijs. Regelmatig zijn er periodes te zien waarin zij spelen op een inspanningsniveau met een lage intensiteit, die zij afwisselen met korte perioden met rennen op een hoge intensiteit. Zij spreken dan hun aerobe (met zuurstof) systeem aan.

Juist deze vorm van training zou in ieder geval een plaats moeten krijgen in de atletiektrainingen. Denk hierbij aan sprinttraining met daarin korte, intensieve intervallen en een iets langere rust. Bijvoorbeeld: 8 seconden sprinten en 12 seconden joggen. Het is leuk, aantrekkelijk en uitdagend voor kinderen om dit in een spelvorm toe te passen die ongeveer 2 tot 5 minuten duurt en zo’n 4 keer herhaald kan worden.

Houd hier altijd rekening met de belastbaarheid, het herstelvermogen en de FITT-factoren: frequentie, intensiteit, tijd en type. De intensiteit, duur en frequentie van de trainingsprikkel wordt altijd bepaald door de belastbaarheid en het herstelvermogen van het kind.

Trainers willen natuurlijk graag weten wat het effect is van de training die zij aanbieden. Meten is weten gaat in dit geval niet. Er kan wel gemeten worden wat een kind op een bepaald moment kan, maar er kan niet gemeten worden wat het effect van de training geweest is. Dit komt doordat kinderen groeien. Het effect van groei, ontwikkeling en rijping is groter dan het effect van training. De inhoud die je als trainer biedt aan de training blijft heel belangrijk, maar het effect ervan is bij kinderen niet meetbaar.

De rol van de trainer bij het aanleren van techniek is een ander verhaal.

Bron: Physios, jaargang 4, nummer 3.